BACKSTAGE: ACHTERGROND
het
klassieke marionettentheater
Voor de ontstaansgeschiedenis van het klassieke marionettentheater gaan
we heel ver terug in de tijd: de klassieke oudheid. Door de eeuwen zochten kunstenaars
naar een universele vorm van theater, waarin verschillende kunsten op een ideale
wijze samenkomen. Een inspiratiebron was het Griekse theater, waarbij beweging,
kostuum, retoriek, muziek, dans en declamatie met elkaar versmolten en elkaar
versterkten.
Rond 1600 hield ook de componist Claudio Monteverdi zich hiermee
bezig. Zo ontstond een nieuw theatergenre, de opera.
.
|

Het allereerste
begin.. |
marionettenopera's
In de 18e eeuw, de tijd van Mozart en Haydn, was opera een zeer
geliefd genre. In Midden-Europa ontstond het idee voor een nieuwe vorm van opera,
waarbij men zocht naar de 'ideale acteurs'. Operazangers hadden
dan wel een mooie stem maar konden niet altijd goed acteren en hadden vaak een
potsierlijk postuur. Houten
acteurs namen hun plaats op het podium in, en de zangers werden
voor het toneel geplaatst. Het "klassieke marionettentheater", een typisch Europese
vorm van marionettentheater waarin muziek en marionetten samen gaan, was geboren.
Joseph Haydn schreef rond 1770 zelfs speciale marionettenopera's (oa Philemon
und Baucis) voor het hoftheater van Prins Nicolaus Esterházy in Oostenrijk-Hongarije.
Keizerin Maria Theresia noemde de marionetten van Esterházy de grootste acteurs
van mijn generatie.
|

Reconstructie
marionettenopera van Haydn
aan het Hof van Esterházy
|
nieuwe
ontwikkelingen
In de 19e eeuw floreerde het marionettentheater, vooral
in Midden-Europa en Italië. Eind 19e eeuw werd in Milaan het theater
Carlo Colla e Figli opgericht, en aan het begin van de 20e
eeuw het Salzburger Marionettentheater.
Beide theaters bleven in handen van dezelfde families en geven nog altijd
voorstellingen over de hele wereld. In het Mozartjaar (2006) presenteerden
zowel Colla
e Figli, het
Salzburger Marionettentheater
en het Amsterdams Marionetten Theater
een drietal Mozartopera's op het Festival
Mozart delle Marionette in Milaan.
Een belangrijke pionier op het gebied van het poppentheater was
Richard
Teschner (Wenen, 1920). Tot dan toe werden
poppen vooral
als miniatuur-acteurs beschouwd, maar Teschner ontdekte
de specifieke, eigen waarde van de pop. De figuur creëerde
een droomwereld waaraan de toeschouwer zich kon spiegelen. Teschner beschouwde
poppen als 'allegorieën van het menselijk bestaan'. De droom, de
illusie, is vaak sterker dan de realiteit.
Rond dezelfde tijd gaf ook Paul Brann met zijn Münchner Künstler het
marionettentheater een nieuwe impuls. Hij zag het poppentheater als een Gesamtkunstwerk,
waarin beeldende kunst, muziek en beweging een ideale eenheid vormden.- | 
Richard
Teschner, ''Die Künstlerlegende" |
Amsterdams
Marionetten Theater
Hendrik
Bonneur, artistiek leider van het Amsterdams Marionetten Theater, raakte
in de jaren vijftig in de ban van het en ging als 15-jarige in Salzburg
bij Professor Aicher in de leer. Dertig jaar later ricSalzburger
Marionettentheater,htte
hij - na een carrière als klinisch psycholoog en operaregisseur
- in Amsterdam zijn eigen marionettentheater op.
Daarbij koos hij zijn eigen artistieke koers: voor
het Amsterdams Marionetten Theater is marionettentheater geen 'opera-in-het-klein'
maar een unieke, zeer specifieke vorm van muziektheater.
Voor het AMT is de kracht van de marionet vooral de naiviteit.
Een marionet heeft geen ego en is zich niet bewust van zichzelf. Hij
kan een personage daardoor zuiverder overbrengen dan een acteur en geeft
alle ruimte aan de verbeeldingskracht van de toeschouwer.
|

Salzburger
Marionettentheater, ''Nozze di Figaro''
|
repertoire
Het Amsterdams Marionetten Theater voert niet de grote,
bekende opera's uit maar kiest bewust voor werken die de poëtische
intimiteit van het marionettentheater nodig hebben om over het voetlicht
te komen. Ontroering en humor, fantasie en poëzie gaan in het marionettentheater
hand in hand. Marionetten
bewegen zich met een natuurlijk gemak in een naïef repertoire:
komedies waar iedereen graag om lacht, maar die ook weemoedig stemmen
omdat ze ongewild onthullen wat mínder komisch is in ons bestaan.
'Bastien & Bastienne', een idyllische pastorale van Mozart, en
'Het Luchtkasteel' ('Le 66!'), een naïeve eenakter
van Offenbach, zijn voorbeelden uit het repertoire van Het Amsterdams
Marionetten Theater waarin het archaïsche, het elementaire voorop
staat.
(meer
informatie: repertoire)
|

''Bastien & Bastienne'' - W.A.Mozart
|
een
authentieke klank
Omdat muziek zo'n essentiële rol vervult, wordt
grote zorg besteed aan de muzikale aspecten van de voorstelling. De
opera's uit het repertoire van het Amsterdams Marionetten Theater
worden speciaal bewerkt voor het marionettentheater. De musici waarmee
wordt samengewerkt zijn allen afkomstig uit de wereld van de authentieke
uitvoeringspraktijk. Muzikale leiding: Vaughan
Schlepp
of Frédérique Chauvet (Barokopera Amsterdam).
Een kamermuziekensemble bestaande uit strijkkwartet, traverso (houten
fluit) en klavecimbel of pianoforte zorgt voor muziek die naadloos
aansluit bij de intimiteit van het marionettentheater. Ook de stemmen
van de zangers passen in dit palet.
In het eigen, kleinere theater in Amsterdam wordt gewerkt
met een eigen opname 'op maat'. Als de marionetten op
tournee
gaan (Italië, Rusland, Frankrijk, Duitsland), reizen de operazangers
en musici meestal mee. Deze intensieve samenwerking met zangers en
musici is voor een marionettentheater uniek in Europa.
Zie ook: tournees en luisterfragmenten.
|

In
de Opéra van Rennes, met Barokopera Amsterdam
|